|
Van Marum Lezingenreeks
De Van Marum Lezingenreeks was bedoeld om ervaringskennis en visie van
professionals op verschillende aspecten van de praktijk van wetenschapscommunicatie
vast te leggen en toegankelijk te maken voor anderen. De reeks is een
weergave van de Van Marum lezingen die van 1994 tot 2003 werden gehouden.
Het geheim van het Universiteitsmuseum
Peter de Haan
Van Marum Lezingenreeks 2002 nr 4
Hoe kun je als museum van een universitair bedrijf en als wetenschapsmuseum
bijdragen aan publiekscommunicatie over wetenschap en techniek?
De invalshoek van het Universiteitsmuseum Utrecht is de nieuwsgierigheid:
de basishouding van elke wetenschapper. Het museum doet dit door ‘science-in-the-making’ te
laten zien, dus wetenschap als proces. Daarmee wordt de bezoeker
ook een onderzoeker. De collecties, de basis van elk museum, worden
daarbij nadrukkelijk ingezet.
Met het Jeugdlab boekt het Universiteitsmuseum veel succes bij
de jongere doelgroep (10-14 jaar). In de nieuwe vaste opstelling
in de benedenzalen (gepland in 2004) zal het museum dit concept
ook voor de ‘grote mensen’ gaan toepassen.
De deelnemers aan deze laatste Van Marumlezing werden geheel
conform de huisstijl als Jeugdlabbezoekers aan het werk gezet.
Fons Cornelisse van de Domstad Pabo, die bij de opzet van het lab
nauw betrokken is, gaf ook tekst en uitleg.
Peter de Haan studeerde Economie in Rotterdam en Geschiedenis
in Utrecht. Na een kortstondige carrière als docent Economie
werkte hij in verschillende staffuncties bij de Universiteit Utrecht
en de Universiteit van Amsterdam. Daarna was hij secretaris van
het College van Bestuur van de Amsterdamse Hogeschool voor de Kunsten.
In 1998 werd hij directeur van het Utrechts Universiteitsmuseum.
Ook heeft hij verschillende neven- en bestuursfuncties in de culturele
sector: bij CREA (de culturele organisatie van de UvA), de Maurits
Binger Filmwerkplaats, het Festival/Huis aan de Werf, het Grafisch
Atelier Utrecht en de Stichting Kunstzinnige Vorming Rotterdam.
Hij is ook adviseur en commissielid bij de Amsterdamse Kunstraad,
de Mondriaan Stichting en de Stimuleringscommissie Beeldende Kunst
Utrecht. |
 |
Download
de publicatie. |
Veilig visueel communiceren
Jos van den Broek
Van Marum Lezingenreeks 2002 nr 3
Communicatoren kunnen bij de overdracht van visuele informatie
uit verschillende gereedschappen putten. Te denken valt aan kleur,
tint, vorm, grootte en dimensies in ruimte en tijd. Het juiste
gebruik van deze gereedschappen is essentieel bij (publieks) communicatie
waarbij de veiligheid van de ontvanger in het geding is. Hoe gebruiken
vormgevers van visuele uitingen zoals verkeersborden en handleidingen
de beschikbare middelen en inzichten in visuele publiekscommunicatie.
Jos van den Broek studeerde Biochemie aan de Universiteit van
Leiden, promoveerde in Farmacologie en herschreef daarna zijn proefschrift
om het toegankelijk te maken voor een breed publiek. Na zijn promotie
volgde hij een cursus wetenschapsjournalistiek in Delft. Hij was
onder andere zes jaar lang eindredacteur van Chemisch Magazine
en vijf jaar hoofdredacteur van BIOnieuws (NIBI). Daarnaast deed
hij freelance werk voor universiteiten, overheid, bedrijfsleven
en Trouw. Van 1989 tot en met 1990 had hij een fellowship in de
wetenschapsjournalistiek bij het Massachusetts Institute of Technology
(MIT). Sinds 1999 is hij hoofdredacteur van Natuur & Techniek
wetenschapsmagazine. Hij geeft ook geregeld colleges over visualiseren.
Het bijzondere aan zijn werk is dat hij schrijven combineert met
illustreren en vormgeven. |
 |
Download
de publicatie. |
Smaak is subjectief! Regels van de subjectiviteit
in communicatie
Bob Cramwinckel
Van Marum Lezingenreeks 2002 nr 2
Vroeger was communicatie over eten en drinken productgebonden.
Nu is deze meer gericht op de betekenis die de gebruiker aan een
product geeft. De sleutelvraag is hierbij: hoe kun je dit uit de
verpakking laten blijken? Subjectief wil zeggen dat individuele
of groepsgebonden opvattingen de werkelijkheid vormen. Ieder mens
geeft vanuit zijn opvattingen zijn eigen betekenis aan eten en
drinken. Dat wordt het smaakoordeel. Inspelen op opvattingen en
het geven van betekenissen vormen de route naar succes in communicatie
over smaak. Betekenissen zijn niet universeel maar mens of groep
gebonden. Ze zijn onder andere afhankelijk van de tijdsgeest. Het
is zaak om de juiste brug te slaan tussen product en gebruiker.
Daarvoor is doelgroeponderzoek noodzakelijk. Bij het onderzoek
worden de voor het product relevante normen en waarden geïnventariseerd.
Op basis hiervan kan communicatie opgezet worden die aansluit bij
zowel de behoeften van de producent als consument.
Bob Cramwinckel studeerde Levensmiddelenchemie aan de Landbouwuniversiteit
te Wageningen en promoveerde daarna op een voedingsfysiologisch
onderwerp. Na zijn studie coördineerde hij in Nijmegen een
project dat onderwijslesmateriaal over gezondheid ontwikkelde voor
het basisonderwijs. Daarna leidde hij de afdeling Sensorisch onderzoek
op het RIKILT-DLO te Wageningen. In 1991 richtte hij het Centrum
voor Smaakonderzoek (CSO) in Wageningen op: een zelfstandig bureau
dat onderzoek doet in opdracht van het bedrijfsleven. |
 |
Download
de publicatie.
|
De ramp en dan? Wat maakt massacommunicatie over
rampen effectief?
Johan Havenaar
Van Marum Lezingenreeks 2002 nr 1
Bij het voorbereiden van publiekscommunicatie over grote rampen
of terroristische acties is het belangrijk bewust te zijn van de
effecten van rampen op mensen en de gevolgen van communicatie daarover.
Deze zijn afhankelijk van de psychosociale en culturele dynamiek
binnen een gemeenschap. Dit is vooral gebleken bij studies naar
rampen waarbij grote groepen mensen bloot zijn gesteld aan gevaarlijke
stoffen, zoals chemische, nucleaire of biologische wapens. Hierbij
is gebleken dat dit soort gebeurtenissen aanzienlijke psychologische
gevolgen kunnen hebben. Het gaat vooral om allerlei psychosomatische
verschijnselen bij de slachtoffers, die op hun beurt weer samenhangen
met de beeldvorming over de ramp (bijv. hoe bedreigd mensen zich
voelen) en daarmee met de informatieverstrekking overde te verwachten
korte en lange termijn gevolgen. Experts, media en overheid nemen
hierbij een belangrijke positie in.
Johan Havenaar werkt als psychiater en hoofd van de opleiding
Psychiatrie bij Altrecht Geestelijke Gezondheidszorg te Utrecht
en heeft een parttime functie aan de Divisie Hersenen van het Universitair
Medisch Centrum van de Universiteit Utrecht. Hij is nauw betrokken
bij het reorganisatie- en informatiseringsproces van de Geestelijke
Gezondheidszorginstellingen in de regio Utrecht. Zijn specialismen
zijn psychiatrische epidemiologie, posttraumatische stress stoornissen
en schizofrenie. De laatste jaren gaat veel van zijn aandacht uit
naar psychiatrische epidemiologie en GGZ ontwikkeling in de voormalige
Sovjet-Unie, en dan vooral naar de consequenties van de ramp in
Tsjernobyl voor de gezondheid. |
 |
Download
de publicatie. |
De controversiële boodschap
De communicatie tussen de deskundige en de leek over risico-onderwerpen
Jan Gutteling
Van Marum Lezingenreeks 2001 nr 4
Dr. Jan Gutteling is universitair hoofddocent aan het Twente
Instituut voor Communicatie Research (TwICoR) en de opleiding Toegepaste
Communicatiewetenschap van de Universiteit Twente. Hij is tevens
coördinator van de afstudeerrichting Strategische Communicatie
en het bijvak Psychologie. Risicoperceptie en risicocommunicatie
bij grootschalige toepassingen van technologie en biotechnologie
hebben zijn speciale aandacht. Sinds 1990 publiceerde Gutteling
veertig wetenschappelijke artikelen en boeken, waaronder Exploring
Risk Communication en Crisiscommunicatie: Een kwestie
van vertrouwen.
Elk boekje uit de Van Marum Lezingenreeks biedt een inspirerende
lezing van een prominente spreker uit de praktijk van de wetenschaps-
en techniekcommunicatie. Vakgenoten uit de wetenschaps- en techniekcommunicatie
worden aan de hand van een toekomstgericht verhaal mét leerpunten
uit de praktijk, uitgenodigd tot reflectie. Dit boekje uit de Van
Marum Lezingenreeks biedt een integrale weergave van de lezing
door Jan Gutteling van 28 november 2001. |
 |
Download
de publicatie. |
Gaspedaal of rem? De rol van de politiek bij wetenschap
en techniek communicatie
Maria van der Hoeven
Van Marum Lezingenreeks 2001 nr 3
Maria van der Hoeven is Tweede Kamerlid voor het CDA. De geboren
Limburgse - gemeente Meerssen, onder de rook van Maastricht - werd
na een loopbaan als docente, directeur van het Centrum Administratieve
Vakopleidingen voor Volwassenen. Later, van 1987 tot 1991, gaf
ze leiding aan het Technologiecentrum Limburg. Als bestuurder is
Van der Hoeven met name actief in de technische sector en het onderwijs.
Zij is onder meer lid van de Raad van Toezicht van de PABO Hogeschool
Domstad Utrecht, bestuurslid van de Technische Hogeschool Rijswijk,
bestuurslid Opera Zuid en toneelgezelschap Het Vervolg in Maastricht.
Tweede Kamerlid is ze sinds 1994. Van der Hoeven was tot oktober
2001 voorzitter van de Vaste Kamercommissie van Onderwijs, Cultuur
en Wetenschappen, en sinds 1998 ondervoorzitter van de Tweede Kamer,
vicevoorzitter Benelux parlement en vice voorzitter CDA fractie.
Woordvoerster is ze onder meer op het gebied van Binnenlandse zaken
technologie en wetenschap, de onderwijsraad van de Europese Unie
en ruimtevaart.
Elk boekje uit de Van Marum Lezingenreeks biedt een inspirerende
lezing van een prominente spreker uit de praktijk van de wetenschaps-
en techniekcommunicatie. Vakgenoten uit de wetenschaps- en techniekcommunicatie
worden aan de hand van een toekomstgericht verhaal mét leerpunten
uit de praktijk, uitgenodigd tot reflectie. Dit boekje uit de Van
Marum Lezingenreeks biedt een integrale weergave van de lezing
door Maria van der Hoeven uitgesproken tijdens de bijeenkomst van
de Van Marum Sociëteit van 13 september 2001. |
 |
Download
de publicatie. |
|
Lea Witmondt
Van Marum Lezingenreeks 2001 nr 2
Theater is hét communicatiemiddel bij uitstek dat de kloof
kan dichten tussen wetenschap en publiek; het maakt gebruik van
emotionele prikkels en kan wetenschap in zijn maatschappelijke
context plaatsen. Toch aarzelen wetenschaps- en techniekcommunicatoren
soms. Wetenschap is immers een serieuze aangelegenheid, die je
niet moet laten overschaduwen door de vorm. Bovendien is een Science
Theater productie vrij kostbaar en wat levert het uiteindelijk
op?
Lea Witmondt, zakelijk directeur van Pandemonia Science Theater,
heeft in de afgelopen jaren ervaren dat zowel wetenschappers als
publiek aanvankelijk aarzelend, maar later enthousiast tegenover
Science Theater staan. Samen met schrijver/regisseur Tony Maples,
artistiek directeur van Pandemonia Science Theater, heeft ze het
fenomeen Science Theater in Nederland een eigen gezicht en bestaansrecht
gegeven. Witmondt zet in deze Van Marumlezing uiteen welke verschijningsvormen
het Science Theater kent. Vervolgens gaat ze in op de vermeende
voor- en nadelen van een video- versus een theaterproductie. Tot
slot schetst Lea Witmondt twee ontwikkelingen waarin het Science
Theater een belangrijke rol zou kunnen spelen. Enerzijds groeit
de behoefte aan communicatie over wetenschap en techniek bij het
publiek nog steeds en anderzijds wordt de noodzaak tot goed communicerende
wetenschappers en hoogleraren groter.
Elk boekje uit de Van Marum Lezingenreeks biedt een inspirerende
lezing van een prominente spreker uit de praktijk van de wetenschaps-
en techniekcommunicatie. Vakgenoten uit de wetenschaps- en techniekcommunicatie
worden aan de hand van een toekomstgericht verhaal mét leerpunten
uit de praktijk, uitgenodigd tot reflectie. Dit boekje uit de Van
Marum Lezingenreeks biedt een integrale weergave van de lezing
door Lea Witmondt uitgesproken tijdens de bijeenkomst van de Van
Marum Sociëteit van 7
juni 2001.
|
 |
Download
de publicatie. |
Wetenschap: van Saai naar Cool
Lucie Bruens
Van Marum Lezingenreeks 2001 nr 1
Jongeren zijn concreet, ongehinderd en vaak impulsief in hun
gedrag. Dat lijkt moeilijk te rijmen met de wetenschap en techniek,
die abstract en gereglementeerd is en dikwijls star en besloten
overkomt. Hoe krijg je jongeren nu betrokken bij wetenschap en
techniek?
Lucie Bruens was 10 jaar betrokken bij de Kunstbende: dé wedstrijd
in kunst en cultuur voor iedereen van 13 tot 19 jaar. De Kunstbende
lukte het ‘de onaanvaardbare kloof’ tussen jongeren
en cultuur te overbruggen. Hierdoor werd de organisatie ook gevraagd
om andere projecten te organiseren. Een voorbeeld hiervan was het
project van de grond af! dat ter gelegenheid van 150 jaar
grondwet opgezet werd. Bruens is er van overtuigd dat praktisch
ieder onderwerp te communiceren is, dus ook wetenschap en techniek.
In deze Van Marumlezing deelt zij haar ervaringen en noemt zij
een aantal succesfactoren voor jongerencommunicatie. Ze besluit
haar lezing met een aantal inspirerende ideeën over het opzetten
van projecten over wetenschap en techniek én met de oproep
om vooral naar de jongeren zelf te luisteren, en met datgene wat
je hoort daadwerkelijk iets te doen.
Elk boekje uit de Van Marum Lezingenreeks biedt een inspirerende
lezing van een prominente spreker uit de praktijk van de wetenschaps-
en techniekcommunicatie. Vakgenoten uit de wetenschaps- en techniekcommunicatie
worden aan de hand van een toekomstgericht verhaal mét leerpunten
uit de praktijk, uitgenodigd tot reflectie. Dit boekje uit de Van
Marum Lezingenreeks biedt een integrale weergave van de lezing
van Lucie Bruens uitgesproken tijdens de bijeenkomst van de Van
Marum Sociëteit van 12 april 2001. |
 |
Download
de publicatie. |
Wetenschaps- en techniek kennis in de netwerk samenleving
Paul Rutten
Van Marum Lezingenreeks 2000 nr 4
Snel en efficiënt kennis vergaren, dat is één
van de mogelijkheden die Internet biedt. Kennisinstellingen zoals
universiteiten krijgen deze relatief nieuwe manier van verspreiding
en exploitatie van kennis in de schoot geworpen. Hoe ga je hier
mee om? En wat betekent dat voor de wetenschaps- en techniekcommunicatie
als deze meer gebruik maakt van internet?
Paul Rutten is hoofd van de afdeling Informatie en Communicatie
van TNO Strategie, Technologie en Beleid en Bijzonder Hoogleraar
Culturele Industrie aan de faculteit Historische en Kunstwetenschappen
van de Erasmus Universiteit Rotterdam. Vanuit zijn achtergrond
in de onderzoekspraktijk naar de impact van internet op verschillende
processen in de samenleving, deelt hij in deze Van Marumlezing
zijn visie op wat Internet nu eigenlijk te bieden heeft voor de
wetenschaps- en techniekcommunicatie. Hij geeft hiervoor een aantal
concrete aanbevelingen en laat zien welke mogelijkheden internet
alleen al voor de universiteit zou kunnen bieden. Volgens Rutten
zullen de kennisinstellingen in de nabije toekomst een belangrijke
rol spelen in het orkestreren van de beschikbare kennis op het
web en daar ook op afgerekend worden.
Elk boekje uit de Van Marum Lezingenreeks biedt een inspirerende
lezing van een prominente spreker uit de praktijk van de wetenschaps-
en techniekcommunicatie. Vakgenoten uit de wetenschaps- en techniekcommunicatie
worden aan de hand van een toekomstgericht verhaal mét leerpunten
uit de praktijk, uitgenodigd tot reflectie. Dit boekje uit de Van
Marum Lezingenreeks biedt een integrale weergave van de lezing
van Paul Rutten uitgesproken tijdens de bijeenkomst van de Van
Marum Sociëteit van 14 december 2000. |
 |
Download
de publicatie. |
Biedt wetenschap voldoende entertainment?
Robert Marijnissen
Van Marum Lezingenreeks 2000 nr 3
De laatste tijd lijkt het de trend te zijn om allerlei producten
te overgieten met een sausje van entertainment. Met als resultaat
een gretige afname onder een groot publiek. Niet voor niks wordt
er gesuggereerd dat 'entertainment' de belangrijkste factor zal
gaan vormen in de nieuwe economie. Edutainment, infotainment, shoppingtainment
zijn een aantal termen die aangeven dat ieder een eigen manier
zoekt om entertainment toe te voegen en niet zelden met hoge verwachtingen.
Is entertainment hèt tovermiddel waarmee er meer mensen
naar sciencecentra, musea e.d. zullen worden getrokken? En zou
dit dan het middel kunnen zijn om wetenschap onder de aandacht
van een breder publiek te brengen?
Volgens Robert Marijnissen, cultureel marketeer en adviseur bij
Kolpron Consultants, kan wetenschap voldoende entertainment bieden.
Hij laat in zijn lezing aan de hand van enkele voorbeelden zien
op welke manieren entertainment een effectief instrument kan zijn.
Met het voorbeeld over Autostadt wordt duidelijk dat entertainment
enkel een toevoegende waarde heeft wanneer de inhoud van het concept
goed is. Entertainment moet beginnen met inhoud en wetenschap heeft
een boel inhoud. Dus, wie gaat de uitdaging aan om een succesvol
' Sciencestad' neer te zetten?
Elk boekje uit de Van Marum Lezingenreeks biedt een inspirerende
lezing van een prominente spreker uit de praktijk van de wetenschaps-
en techniekcommunicatie. Vakgenoten uit de wetenschaps- en techniekcommunicatie
worden aan de hand van een toekomstgericht verhaal mét leerpunten
uit de praktijk, uitgenodigd tot reflectie. Dit boekje uit de Van
Marum Lezingenreeks biedt een integrale weergave van de lezing
van Robert Marijnissen uitgesproken tijdens de bijeenkomst van
de Van Marum Sociëteit van 14 september 2000. |
 |
Download
de publicatie. |
Is wetenschap mediageniek?
Hans Laroes
Van Marum Lezingenreeks 2000 nr 2
De wetenschapscommunicatie zoekt wegen om via de massamedia het
grote publiek te bereiken. De journalistiek hecht bijzonder veel
waarde aan onpartijdigheid en onafhankelijke berichtgeving. Zij
wil wetenschap in geen geval opgedrongen krijgen. Toch kunnen de
journalistiek en de wetenschapscommunicatie iets aan elkaar hebben.
Hans Laroes, plaatsvervangend hoofdredacteur van het NOS-Journaal,
geeft zijn visie over hoe de wetenschap beter kan omgaan met het
massamedium televisie, maar ook wat nieuwstelevisie voor de wetenschap
kan betekenen. Nieuwsredacties krijgen dagelijks grote aantalen
berichten binnen en maken daaruit keuzes voor de onderwerpen van
hun programma’s. Laroes maakt duidelijk welke keuzes het
Journaal maakt en welke selectiecriteria het hanteert.
Hans Laroes (Middelburg, 1955) begon zijn carrière bij
de NOS in 1988 als presentator voor de redactie Den Haag. In 1992
verruilde hij Den Haag voor Hilversum; eerst als redactiechef,
later als plaatsvervangend hoofdredacteur van het Journaal.
Elk boekje uit de Van Marum Lezingenreeks biedt een inspirerende
lezing van een prominente spreker uit de praktijk van de wetenschaps-
en techniekcommunicatie. Vakgenoten uit de wetenschaps- en techniekcommunicatie
worden aan de hand van een toekomstgericht verhaal mét leerpunten
uit de praktijk, uitgenodigd tot reflectie. Dit boekje uit de Van
Marum Lezingenreeks biedt een integrale weergave van de lezing
van Hans Laroes uitgesproken tijdens de bijeenkomst van de Van
Marum Sociëteit van 15 juni 2000. |
 |
Download
de publicatie. |
Geesteswetenschappen: Ballast of reddingsboei van
de WTC?
Willem Dijkhuis
Van Marum Lezingenreeks 2000 nr 1
Bij het bereiken van het grote publiek in de wetenschaps- en
techniekcommunicatie, doemt telkens de tweedeling tussen geesteswetenschappen
(alfa en gamma) en natuurwetenschappen (bèta) op. Voor het
publiek is wetenschaps- en techniekcommunicatie synoniem met bètawetenschappen.
Die worden vrijwel direct met moeilijk en saai geassocieerd, waardoor
het vergroten van interesse een hele opgave is. Onderwerpen uit
de alfa- en gammawetenschappen genieten daarentegen wél
grote belangstelling. Vreemd genoeg hebben deze tot op heden nauwelijks
een zichtbare rol gespeeld in de wetenschapscommunicatie.
Willem Dijkhuis (Haaksbergen, 1942), criticus en filosoof, licht
in zijn verhaal toe hoe de schijnbare tweedeling in wetenschappen
cultureel bepaald is. Vanuit historisch perspectief laat Dijkhuis
zien welke vooronderstellingen ten grondslag liggen aan deze culturele
scheiding in de natuur- en geesteswetenschappen. Wetenschapscommunicatoren
zijn zich dat niet bewust. Succesvolle(re) wetenschaps- en techniekcommunicatie
kent haar eigen voorgeschiedenis en doet een beroep op het vaardig
vertellen van verhalen, waardoor elke vorm van wetenschap boeiend
en toegankelijk kan zijn. Dijkhuis verzorgt momenteel voor Het
Financieele Dagblad de tweewekelijkse rubriek ‘Het Nieuwe
Alfabet’ over centrale begrippen in de Europese cultuur.
Elk boekje uit de Van Marum Lezingenreeks biedt een inspirerende
lezing van een prominente spreker uit de praktijk van de wetenschaps-
en techniekcommunicatie. Vakgenoten uit de wetenschaps- en techniekcommunicatie
worden aan de hand van een toekomstgericht verhaal mét leerpunten
uit de praktijk, uitgenodigd tot reflectie. Dit boekje uit de Van
Marum Lezingenreeks biedt een verhaal geschreven door Willem Dijkhuis,
naar aanleiding van zijn lezing met de gelijknamige titel die hij
heeft uitgesproken tijdens de bijeenkomst van de Van Marum Sociëteit
van 16 maart 2000. |
 |
Download
de publicatie. |
|
Niels Helsloot
Van Marum Lezingenreeks 1999 nr 5
De huidige wetenschap is te veel bezig met zoeken naar de ene
waarheid en is op dit punt eenzijdig. Haar rationaliseringen houden
niet alleen een verarming in maar ook een vervreemding van de bevolking,
zo stelt dr. Niels Helsloot. De wetenschap- en techniekcommunicatie
zet zich in om de kloof te dichten tussen het publiek en de wetenschap.
Dit doet zij echter wel vanuit de filosofische grondhouding van
de huidige wetenschapsbeoefening, die eenheid, eenduidigheid en
ernst als voorwaarden voor waarheid cultiveert. Zou een andere
grondhouding, waarin meerdere waarheden naast elkaar kunnen bestaan
en waarin je leert lachen om de beperkingen van je eigen wetenschappelijke
gezichtsveld, de wetenschap- en techniekcommunicatie in de toekomst
succesvoller kunnen maken? Deze vraag vormt het uitgangspunt voor
de Van Marum Special van 1999, een lezing vanuit een andere invalshoek
dan gebruikelijk. Dr. Niels Helsloot is filosoof en taalkundige
en promoveerde 10 september 1999 aan de Erasmus Universiteit op
een onderzoek naar de wetenschapskritiek van Friedrich Nietzsche
met de titel ‘Vrolijke wetenschap, Nietzsche als vriend’.
Vanuit deze kritiek neemt hij de wetenschap- en techniekcommunicatie
in beschouwing en komt tot wenken voor de praktijk van alledag,
waarin we meer zouden kunnen lachen om onszelf.
Elk boekje uit de Van Marum Lezingenreeks biedt een inspirerende
lezing van een prominente spreker uit de praktijk van de wetenschap-
en techniekcommunicatie. Vakgenoten uit de wetenschap- en techniekcommunicatie
worden aan de hand van een toekomstgericht verhaal mét leerpunten
uit de praktijk, uitgenodigd tot reflectie. Dit boekje uit de Van
Marum Lezingenreeks biedt een integrale weergave van de lezing
van dr. Niels Helsloot uitgesproken tijdens de bijeenkomst van
de Van Marum Sociëteit van 4 november 1999. |
 |
Download
de publicatie. |
Het Studium Generale in de 21ste eeuw
André Klukhuhn
Van Marum Lezingenreeks 1999 nr 4
Elke universiteit heeft een bureau Studium Generale, conform
de wet op het hoger onderwijs 1960. In de opleiding van wetenschappers
is naast de ontwikkeling van vakinhoudelijke kennis en expertise,
een brede academische vorming van belang. Het Studium Generale
draagt hier aan bij en is zodoende van belang uit oogpunt van het
toekomstig maatschappelijk functioneren van de aankomende wetenschappers.
Daarnaast biedt het de universiteit de mogelijkheid om rechtstreeks
te communiceren met een breed publiek. Twee redenen waarom het
Studium Generale een plaats inneemt binnen de wetenschap en techniekcommunicatie.
Op dit moment heeft het Studium Generale over belangstelling van
de burgers niet te klagen, in tegenstelling tot die van studenten
en universitaire medewerkers.
Geprikkeld door deze situatie laat André Klukhuhn, directeur
van bureau Studium Generale van de Universiteit Utrecht zien dat
de verhouding tussen die twee soorten belangstellenden in de geschiedenis
van het Studium Generale sterk in beweging is geweest. Vanuit de
kennis uit het verleden trekt hij de lijn door naar de 21ste eeuw
en gaat hij in op de vraag hoe de taken van het Studium Generale
in de toekomst succesvol kunnen worden ingevuld en studenten weer
meer kunnen worden betrokken.
Elk boekje uit de Van Marum Lezingenreeks biedt een inspirerende
lezing van een prominente spreker uit de praktijk van de wetenschap-
en techniekcommunicatie. Vakgenoten uit de wetenschap- en techniekcommunicatie
worden aan de hand van een toekomstgericht verhaal mét leerpunten
uit de praktijk, uitgenodigd tot reflectie. Dit boekje uit de Van
Marum Lezingenreeks biedt een integrale weergave van de lezing
van André Klukhuhn uitgesproken tijdens de bijeenkomst van
de Van Marum Sociëteit van 16 december 1999. |
 |
Download
de publicatie. |
Science centra in dagrecreatief perspectief
Ben van Gool
Van Marum Lezingenreek 1999 nr 3
Nederlanders ondernemen steeds meer dagtochten per jaar, volgens
de tellingen van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS).
De dagrecreatie is een snel groeiende markt die veel publiek trekt,
en veelal een breed publiek. In Nederland is er een groeiend aantal
science centra actief bezig met wetenschap en techniekcommunicatie.
Deze centra richten zich óók op een breed publiek.
Voor publieksgerichte communicatie over wetenschap en techniek
lijkt er -vanuit het perspectief van de dagrecreatie- nog een wereld
te winnen. Gerichte aandacht voor succesfactoren uit de dagrecreatie
kan van nut zijn voor het toekomstig succes van deze science centra
in Nederland. Ben van Gool, voormalig directeur van Noordwijk Space
Expo heeft ervaring in de museale sector èn een eigen adviespraktijk
op het gebied van dagrecreatie. Vanuit deze positie plaatst hij
de science centra in het perspectief van de dagrecreatie en laat
hij zien waar de kansen en risico’s voor de science centra
liggen. Daarbij maakt hij gebruik van het voorbeeld dat The Exploratorium
in San Francisco geeft en komt hij tot praktische adviezen voor
de science centra in Nederland.
Elk boekje uit de Van Marum Lezingenreeks biedt een inspirerende
lezing van een prominente spreker uit de praktijk van de wetenschap-
en techniekcommunicatie. Vakgenoten uit de wetenschap- en techniekcommunicatie
worden aan de hand van een toekomstgericht verhaal mét leerpunten
uit de praktijk, uitgenodigd tot reflectie. Dit boekje uit de Van
Marum Lezingenreeks biedt een integrale weergave van de lezing
van Ben van Gool uitgesproken tijdens de bijeenkomst van de Van
Marum Sociëteit van 16 september 1999. |
 |
Download
de publicatie. |
|
Arie van Heeringen
Van Marum Lezingenreeks 1999 nr 2
Wetenschap en techniek gaan iedereen aan, vanwege de invloed
ervan op onze cultuur en onze economie. Het is daarom van belang
dat mensen zich een mening kunnen vormen over beleidskwesties rond
wetenschap en techniek. Veel mensen herkennen dit belang, maar
zijn onvoldoende in staat deze issues te volgen en zich een mening
te vormen. Volgens onderzoek van de OECD (1997) is slechts 2 op
de 10 burgers in OECD landen hiertoe goed in staat. Deze situatie
geldt ook voor Nederland, ondanks langdurige overheidsinspanningen.
Wat betekent deze situatie voor het wetenschaps- en technologiebeleid
van de Nederlandse overheid? En welke lering is hier uit te trekken
als het gaat om de communicatie over wetenschap en techniek richting
het brede publiek voor de toekomst? Uitgedaagd door deze probleemstelling
stelt Arie van Heeringen, secretaris/directeur van de Adviesraad
voor het Wetenschap en Technologiebeleid (AWT) een wedervraag.
Is het niet zo dat de crux van de non-communicatie tussen het wetenschap
en technologiesysteem en het publiek in de domheid van het systeem
zit en niet bij het publiek? Aan de hand van een aantal voorbeelden
laat hij zien dat opportunisme en verstarring een goede communicatie
in de weg staan. Arie van Heeringen pleit daarom voor een open
dialoog, waarin de wisselwerking tussen publiek en systeem en het
stellen van vragen bevorderd worden.
Elk boekje uit de Van Marum Lezingenreeks biedt een inspirerende
lezing van een prominente spreker uit de praktijk van de wetenschap-
en techniekcommunicatie. Vakgenoten uit de wetenschap- en techniekcommunicatie
worden aan de hand van een toekomstgericht verhaal mét leerpunten
uit de praktijk, uitgenodigd tot reflectie. Dit boekje uit de Van
Marum Lezingenreeks biedt een integrale weergave van de lezing van
Arie van Heeringen uitgesproken tijdens de bijeenkomst van de Van
Marum Sociëteit van 24 juni 1999. |
 |
Download
de publicatie. |
Museale succesfactoren voor de toekomst
Wim G. van der Weiden
Van Marum Lezingenreeks 1999 nr 1
De laatste vijfentwintig jaar hebben veel musea ingrijpende ontwikkelingen
doorgemaakt. Enkele voorbeelden zijn het inzetten van structurele
educatie, de opvatting van de museumbezoeker als klant en het publieksgericht
werken. Ook Naturalis heeft deze ontwikkeling ondergaan, na maar
liefst 175 jaar. Hoe kan een naar binnen gekeerd, wetenschappelijk
bolwerk als het Rijksmuseum van Natuurlijke Historie in ongeveer
tien jaar een museum worden dat in de eerste negen maanden van
zijn bestaan al 270.000 bezoekers trok en de Prins Bernhard Fonds
Museumprijs won vanwege ‘de kwaliteit van de overdracht van
wetenschappelijke kennis op een breed publiek?’
Drs. Wim G. van der Weiden, directeur van Naturalis, schetst
een beeld van de veranderingen die Naturalis heeft ondergaan en
de succesfactoren die daar een rol bij hebben gespeeld. Hij kijkt
bovendien naar de trends in de gehele museumwereld en gaat in op
de vraag hoe de musea – en Naturalis – succesvol
kunnen zijn in de toekomst.
Elk boekje uit de Van Marum Lezingenreeks biedt een inspirerende
lezing van een prominente spreker uit de praktijk van de wetenschap-
en techniekcommunicatie. Vakgenoten uit de wetenschap- en techniekcommunicatie
worden aan de hand van een toekomstgericht verhaal mét leerpunten
uit de praktijk, uitgenodigd tot reflectie. Dit boekje uit de Van
Marum Lezingenreeks biedt een integrale weergave van de lezing
van drs. Wim G. van der Weiden uitgesproken tijdens de bijeenkomst
van de Van Marum Sociëteit van 25 maart 1999. |
 |
Download
de publicatie. |
|