Maatschappelijk kennismanagement en wetenschapscommunicatie

Dr. J. Poot, drs. B. Römgens (Utrecht, CIBIT Adviseurs/Opleiders), dr. R.R. Braam, Stichting Weten, Amsterdam, 2003.

Doel
Komen tot een samenhangende visie over het belang en de positie van publiekscommunicatie over wetenschap en techniek in de kennismaatschappij en het uitwerken van twee scenario's om een beter inzicht te krijgen in mogelijke toekomstige speelvelden waarin Stichting Weten moet opereren.

Methode
In deze verkenning staat conceptontwikkeling centraal. Op basis van gedachtegoed van CIBIT en hun ervaringen uit kennismanagementconsultancy bij bedrijven en sectoren, is een denkkader ontwikkeld voor kennismanagement op het niveau van de maatschappij: maatschappelijk kennismanagement. Binnen dit kader wordt vervolgens gekeken naar de functie van wetenschapscommunicatie. Gelet op maatschappelijke trends en onzekerheden daarin, wordt de zich ontwikkelende kennismaatschappij in twee extreme situaties geschetst (miniscenario's). Voor deze situaties is de (in)richting van het kennismanagement en de positie en organisatie van publiekscommunicatie uitgewerkt.

Resultaat

Bij het denken over kennismanagement en publiekscommunicatie in de kennissamenleving zijn vier domeinen onderscheiden:

  • Het economisch domein;
  • Het maatschappelijk domein;
  • Het bestuurlijk domein;
  • Het kennis- en leerdomein.

De impulsen voor communicatie binnen de domeinen verschillen van de communicatie tussen de domeinen en naar het publiek. Een zelfde individu kan in verschillende domeinen dus optreden in andere rollen. Bij de (in)richting van het kennismanagement moet worden aangesloten bij bestaande processen en organisaties in de verschillende domeinen. Zwakke punten in kennisnetwerken moeten daarbij worden aangepakt en het organiserend vermogen rond kennis worden gemobiliseerd. Voor elk domein worden de belangrijke rollen ingekleurd evenals significante ontwikkelingen op basis van trends en onzekerheden daarin. Het gaat daarbij om:

  • Individualisering (actief individu versus passief individu);
  • Marktdenken (beperkt tot economisch domein of ook sterk in de andere domeinen);
  • De kennisbalans (wordt Nederland vooral kennisexporterend of -importerend).

Deze onzekerheden zijn uitgewerkt in twee scenario's:

  1. Actieve burgers, sterke markt;
  2. Passieve burgers, sterke overheid.

Ontwikkelingsmogelijkheden voor wetenschapscommunicatie
De twee uitgewerkte scenario's betekenen niet alleen een andere omgeving voor de WTC, maar ook dat inhoud en aard van het WTC-werk een andere invulling krijgt. De hoofdpunten van verschil zijn in onderstaande tabel puntsgewijs weergegeven.

1. Actieve burger, sterke markt 2. Passieve burger, sterke overheid
'Kenniscommunicatie' 'Wetenschapsvoorlichting'
Interactie vraag & aanbod; Populariseren wetenschap;
Kennisontwikkeling in netwerken; Kennisketen:
onderzoek --> innovatie;
Makelen/procesanalyse; Regie/campagnes in opdracht van de overheid;
Monitoren van de markt; Monitoren kennis en draagvlak bevolking;
Certificering van kennisleveranciers; Kwaliteitsbewaking van het communicatieproces;
Commerciële WTC. Overheid betaalt WTC.

Conclusies

In de toekomst is een verdere professionalisering en intensivering van kenniscommunicatieprocessen zeker nodig. Vanuit het oogpunt van maatschappelijk kennismanagement zal dit voor de twee geschetste scenario's anders vorm moeten krijgen.
In het scenario `actieve burgers, sterke markt', zal de belangrijkste rol voor WTC liggen in het:

  • Aanpakken van knelpunten in kennisoverdrachtsprocessen;
  • Koppelen van vraag en aanbod en de certificering van kennis(leveranciers).

In het scenario `passieve burger, sterke overheid', ligt de belangrijkste functie van de WTC in het:

  • Verstrekken van informatie aan (groepen) consumenten (burgers).

De rol en organisatie van wetenschapscommunicatie verschilt. In het scenario Actieve Burger/Sterke Markt is er sprake van een marktgedreven 'kenniscommunicatie', op basis van vraag en aanbod. In het scenario Passieve Burger/Sterke Overheid is de traditionele wetenschapsvoorlichting sterk aanwezig, gestructureerd en betaald door de overheid.

Het opleidingsniveau van de bevolking is een belangrijke factor die mee zal bepalen of het kenniscommunicatie wordt of wetenschapsvoorlichting blijft, want in hun verschillende rollen in de domeinen van de kennissamenleving zijn zij het die de kennis maken.

Download de publicatie.