|
Campagne geslaagd! En dan? Dr. C.G. van der Veer (Stichting voor Culturele Studies, Amsterdam). Stichting Weten, Amsterdam, 2003. Doel Methode Resultaat In de publiciteitscampagne, die alom positief wordt gewaardeerd, speelt de programmakrant, samen met de website, een steeds grotere rol. Informele communicatie (informatie via ouders en leerkrachten) blijft onverminderd een belangrijke rol spelen bij het besluit een evenement te gaan bezoeken. Volwassenen vinden de Wetenschap en Techniek Week leerzaam, interessant en leuk (met name ook voor de kinderen). De evenementen voldoen in het algemeen ruimschoots aan de verwachtingen van de bezoekers. Doe-activiteiten, rondleidingen en buitenactiviteiten genieten de meeste voorkeur bij jong en oud. Bij jongeren tot circa 18 jaar zijn daarnaast ook shows, theater en workshops in trek. Bij het besluit van (groot)ouders om de Wetenschap en Techniek Week te bezoeken spelen (klein)kinderen, naar eigen zeggen, een belangrijke rol. Evenementen tijdens de Wetenschap en Techniek Week worden door kinderen positief tot zeer positief beoordeeld. Naar hun mening zijn het vooral de ouders die het initiatief nemen tot een bezoek aan een evenement. Doe-activiteiten zijn ook bij kinderen het meest in trek. Daarnaast zijn dieren, sterren en rekenen onderwerpen die kinderen vooral aanspreken. De totale hoeveelheid aandacht in de landelijke en regionale pers voor de Wetenschap en Techniek Week is de laatste jaren afgenomen, maar het gebruik van het internet als informatiebron voor het publiek in de publiciteitscampagne lijkt daarentegen toe te nemen. Regionale samenwerking tussen in de Wetenschap en Techniek Week participerende instellingen, heeft ertoe geleid dat het publiek beter geïnformeerd is over andere evenementen in hun 'omgeving'. Meer kennis omtrent andere evenementen in de betreffende regio is uiteraard een voorwaarde voor een hoger bezoekersaantal. Het nieuwe beeldmerk van de Wetenschap en Techniek Week (het uiltje) vervult een belangrijke functie in de publiciteitscampagne. Het logo is terecht vooral gericht op de doelgroep van kinderen tot 14 jaar. Het logo als zodanig is niet themagebonden. De vormgeving van het uiltje en de mogelijkheden tot uitmonstering lijken geschikt voor meerdere jaarthema's. Door meer dan tot nu toe gebruik te maken van (inter)actieve publiciteitsmedia, zoals het internet kan men meer mensen (vooral ook jongeren) interesseren voor (exacte) wetenschap. Het medium televisie biedt wat dat betreft in de nabije toekomst ook mogelijkheden, waarbij tevens het internet een belangrijke aanvullende rol kan spelen. Een voorbeeld is het succesvolle Belgische televisieprogramma Hoe?Zo! dat prime-time in het najaar van 2003 ook op de Nederlandse televisie (via Teleac/NOT) te zien zal zijn. Een op basis van zo'n programma gecreëerd multimediaal platform voor het interessegebied populaire wetenschap, kan daarbij een stimulerende rol vervullen voor jong en oud. Conclusies
|
||||